Onderwijs als middel tot herstel

Tijdens de gezamenlijke lunches op de Windroos geniet ik altijd van de verhalen van de deelnemers. Hun harde werken, de resultaten die ze halen, maar ook de onderlinge steun en stimulans raken bij mij een gevoelige snaar. Dagelijks groeit mijn overtuiging dat de begeleiding van de Windroos meerwaarde heeft en dat nog veel meer jongeren hierbij gebaat zouden zijn. 
Op onze website www.dewindroos.com leest u onder andere: “De doelgroep van de Windroos zijn jongvolwassenen in de leeftijd van circa 18 tot 30 jaar die hun opleiding of loopbaan hebben moeten afbreken als gevolg van psychosegevoeligheid en soms een andere psychische kwetsbaarheid. Zij zijn niet in staat direct terug te keren in het reguliere onderwijs of naar werk. Ze ervaren bijvoorbeeld problemen met hun concentratie, met het functioneren van hun geheugen en met hun inlevingsvermogen. Ze missen vaak een stuk in hun ontwikkeling. Juist voor hen is onderwijs een belangrijk middel om te herstellen, hun eigen kracht te ontwikkelen en hun talenten te benutten bij de vorming van een identiteit als volwassen mens en als volwaardig lid van de samenleving”.
Deze tekst willen wij graag met praktijkverhalen illustreren. In deze nieuwsbrief laten wij daarom een deelnemer, een trajectbegeleider en onze kunstdocent aan het woord. Ze leggen uit wat onderwijs als middel tot herstel voor hen betekent. Veel plezier met het lezen van deze nieuwsbrief, en als u vragen of opmerkingen heeft, dan horen wij dit graag.

Jeannette Koning

‘Ik ben op een punt gekomen in m’n herstel dat ik me minder zorgen maak om een terugval’,

interview met Windroosdeelnemer Sjoerd

Vlak na m’n psychose had ik totaal geen energie. Ook kon ik moeilijk lezen. Ik moest alles twee, drie keer lezen voor het bleef hangen. Toen ik weer wat energie had, wilde ik weer graag iets om handen hebben. Gelukkig kon ik toen vrij snel terecht bij de Windroos. Ik weet niet meer precies wat me nou het meeste aansprak; de structuur of dat het een soort tussenstop was naar een studie toe. Prettig in ieder geval om er weer in te komen, om weer op te bouwen.

Hoe ging het met je, die eerste tijd bij de Windroos?


Ik was hoofdzakelijk onzeker. Ik had het gevoel dat ik totaal opnieuw moest beginnen met m’n leven. Maar je zelfvertrouwen komt terug wanneer je merkt dat je wel nog wat kan, zoals lezen. In het begin denk je dat dat allemaal weg is en weg blijft. En het was spannend. Ik moest kijken of ik het wel aankon, zowel in sociaal opzicht als qua leren.

Welk traject heb je gevolgd bij de Windroos?


Ik ben meteen begonnen met het traject ECDL [European Computer Driving License]. Ik vind computers leuk, dus het was leuk om daar meer over te leren. In het begin vond ik mezelf erg traag; het was een beetje aftasten wat een goed studietempo was. Het prettige van het ECDL is, dat je online inlogt en dan in een leeromgeving komt waar je de stof aangeboden krijgt, maar het had wat mij betreft ook een ander onderwerp kunnen zijn. Ik vind het prettig, lekker stil zitten in je eentje en ook de mogelijkheid dat je de instructiefilmpjes nog een keer kunt herhalen. De toetsen en examens van het ECDL zijn hele spannende momenten, maar ook goed om je te laten zien hoe je daar mee om moet gaan en ook om weer te wennen aan toetsmomenten. Ik ben nu op een punt gekomen in m’n herstel dat ik me minder zorgen maak om een terugval. Ik heb weer zelfvertrouwen; ik kan bepaalde dingen weer, zoals stof opnemen en langer dan een uur aan iets zitten en dat met m’n concentratie volhouden. Ik heb nu al zolang hetzelfde weekritme dat ik me niet kan voorstellen dat het ineens niet goed met me zou gaan. De Windroos vind ik verder vooral fijn voor m’n structuur. Je doet een dagdeel iets nuttigs, waardoor niet je hele dag een vraagteken is. Ik vind het prettig dat ik vooruitgang zie, dat ik steeds iets verder kom met de stof, dat geeft zelfvertrouwen. Via de gesprekken met bijvoorbeeld mijn trajectbegeleider bij de Windroos kan ik controleren of mijn studiemethode goed is, of ik niet in mijn eentje op het verkeerde spoor zit.

Na je ECDL-traject ga je nu op de Windroos aan je toekomstdroom werken.


Ja, ik wil graag iets met tennis doen. Vroeger wilde ik tennisspeler worden en nu tennisleraar. Een eerdere studie heb ik helaas moeten afbreken; te veel mensen, te veel prikkels. Nu hoop ik dat het lukt om als tennisleraar les te gaan geven aan één persoon of een kleine groep. Bezig zijn met het ECDL was een goede manier om te kijken of het leren nog kon. Nu, na het ECDL, ga ik me richten op fysiologie, anatomie en EHBO. Ik heb daarvoor mijn eigen studiemateriaal, maar blijf het leren wel op de Windroos doen. Ik hoop in september met mijn tennislerarenopleiding te beginnen en dan nog een beetje hulp te krijgen vanuit de Windroos, in de vorm van huiswerkbegeleiding.

De maandagse kunstles: een ontdekkingsreis in de kunst. ‘Hoe losser je in de les wordt, hoe losser je in je leven wordt’

Interview met deelnemers Chris en David en docente Ada

Vertel eens, hoe ziet een kunstles eruit?


Ada: Binnen de twee uur dat ik lesgeef wil ik de leerlingen zoveel mogelijk leren. We tekenen of schilderen, of we doen handvaardigheid, het hangt er vanaf waar ze voor kiezen. Er is individuele aandacht. Ze krijgen techniek voor 2D en 3D, iets fantasierijks en kunstgeschiedenis. Ik maak een PowerPointpresentatie over een bepaalde stroming of kunstenaar en zoek voorbeelden die we bekijken en vervolgens bespreken, en dan gaan we ermee oefenen. Ik probeer het een ontdekkingsreis in de kunst te laten zijn.
Chris: Het is een fijn begin van de week. Het is gezellig, er is een goeie sfeer. En we leren alles in stromingen te plaatsen. Ik heb zo ontdekt dat Jugendstil mijn favoriet is.
David: Ik vind het soms leuker om creatief bezig te zijn dan te leren. En toch is dit ook leren, want we leren over kunstgeschiedenis en de chemie achter klei en glazuur, dat is puur kennis. Het is fijn dat je, als je bezig bent met iets te maken, toch nog een gesprek kunt voeren. En meestal gaat er wel iets fout en daar kun je dan om lachen.

Wat leer je nog meer van de kunstles?


Chris: Heel veel over jezelf. Dat je manier van werken steeds weer terugkomt, bijvoorbeeld, maar dat je die uiteindelijk toch ook wel kunt veranderen. Je leert ook dat het goed is om van alles wat je maakt soms even afstand te nemen en het van alle kanten te bekijken. Dat pas ik toe op het dagelijkse leven. Ik ben anders tegen dingen aan gaan kijken en ga ook anders met dingen om. We leren ook samenwerken en kritiek geven en ontvangen, vooral het kritiek geven op andermans werk vond ik moeilijk in het begin, maar dat moesten we wel doen.
Ada: Als deelnemers met de kunstlessen starten doen ze graag wat ze altijd al doen, bijvoorbeeld steeds hetzelfde mangapoppetje tekenen, want dat vonden mensen altijd mooi. En ze denken dat ze heel goed moeten zijn. Uiteindelijk zie je ze een ontwikkeling doormaken. In het begin denken ze: iets moet per se zo. Later zien ze meer mogelijkheden, doordat ze zich laten inspireren. Ze leren vertrouwen te hebben in de dingen die tijdens het creatieve proces gebeuren. Ze zijn dan meer bezig met hun handen en gevoel dan met hun hoofd. Zo ontdekken ze dat toeval altijd mooier is dan hoe je het in gedachten had. Het met kunst bezig zijn laat heel fysiek, heel tastbaar, hun valkuilen zien, bijvoorbeeld het streven naar perfectie. Het is mooi om ze gereedschappen aan te reiken waar ze in het dagelijks leven iets mee kunnen, dat ze in meer mogelijkheden gaan denken. Niet krampachtig van: zo hoort het, zo heb ik het geleerd, maar dat ze weer een avontuur durven aangaan. Dat ze tegen hun perfectionisme kunnen zeggen: met een nonchalante houding kan ik nog veel effectiever zijn.
David: Ada probeert ons psychisch anders te laten werken. Als je inderdaad erg perfectionistisch bent, leer je dat meer vanuit jezelf te benaderen. We hebben bijvoorbeeld bomen en planten nagetekend en dan leer je hoe alles steeds in tweeën splijt, en dat als je dat steeds doorvoert, dat je dan ook iets krijgt wat op een boom lijkt, zonder dat je het exact kopieert. Ik ben denk ik wel een beetje minder perfectionistisch geworden.  
Chris: Ik was ook behoorlijk perfectionistisch en nam toen ik met de kunstlessen begon nog veel tijd om de dingen uit te werken. Ik heb geleerd sneller door te werken, het los te laten. Hoe losser je in de les wordt, hoe losser je in je leven wordt, dat is een wisselwerking. Ik ben minder dwangmatig geworden.

Kunstonderwijs als middel tot herstel, werkt dat?


Ada: Zeker. Ik zie dat ze weer vertrouwen krijgen, een open blik krijgen, dat ze inzicht krijgen in hun eigen handelen. Soms worden deelnemers echt blij van de kunstles, hebben het echt nodig. Een meisje dat last had van depressies, bijvoorbeeld, had aan het eind van de les weer een  een big smile. In de schilderkunst van de Gouden Eeuw zie je dat na het heel globaal opzetten van de eerste laag verf elke laag van het schilderij op hetzelfde niveau uitgewerkt wordt. Een schilderij had soms wel vijf lagen en elke laag werd helemaal uitgewerkt. Dus bijvoorbeeld eerst donkere en lichte vlakken; dan een sinaasappel met lichte en donkere vlakken; dan verschillende kleuren oranje; vervolgens iets van een pitje erin, en dat werk je gelijkmatig uit over het gehele doek. Dus niet iets laten liggen - wat wel heel menselijk is: ergens geen zin in hebben. Het is net zoiets als je huis opruimen ‘in lagen’, op ieder niveau is het dan klaar, dat geeft een goed gevoel. Het is mooi als de leerlingen daar iets van meenemen naar hun eigen leven. Dat ze niet vastlopen in het opruimen van die ene kast zogezegd. En stel, je hebt een idee voor een schilderij: sommigen beginnen in een hoekje te werken en komen er dan gaandeweg achter dat het hoofd er niet meer op past. Beter is het dan het overzicht even aan te geven en dat in te vullen en passend te maken door middel van een stappenplan. In plaats vanuit een hoekje te kijken leren leerlingen breder te denken, met een andere optiek. Ik denk dat het tastbare bij kunst dan meewerkt in het dagelijks leven.
Chris: Je hoofd wordt minder onrustig van met kunst bezig zijn. Je durft meer, dingen uitproberen, niet alles uitdenken, maar het laten worden gedurende het proces.
David: Het is ook goed voor mijn sociale vaardigheid. Zitten en praten helpt al. En het loslaten van wat je precies voor ogen hebt en het besef dat het dan ook goed is. Kunst is meer emoties en hart dan gedachten; het is goed, het is een soort uitlaatklep. Ik heb er wat aan.

‘Ze komen stap voor stap weer dichter bij zichzelf, doordat ze erachter komen dat ze meer kunnen dan ze dachten. Ze gaan weer geloven in zichzelf, en tegelijkertijd makkelijker vervolgstappen maken. Dat is wat ik zie.’

Interview met Faiza, trajectbegeleider bij de Windroos Leiden.

Onderwijs als middel tot herstel, de missie van de Windroos, hoe wordt die zichtbaar volgens jou?


Onderwijs als middel tot herstel uit zich er voor mij in dat onze deelnemers weer ‘leren leren’: zich weer kunnen concentreren; hun werkzaamheden weten te structureren; aanwezig zijn en hun studieleerdoelen behalen. De successen die ze al doende behalen versterken hun zelfvertrouwen. Onderwijs als middel tot herstel wil ook zeggen dat de jongeren toekomstperspectief verkrijgen, en het vertrouwen om weer deel te nemen aan de maatschappij. Hun herstelperiode is een periode die ze dichter bij hun wensen brengt, bijvoorbeeld via de Windroostrajecten Zelfstudie en Naar School. Het gaat dus enerzijds om aandacht voor basisvaardigheden en anderzijds om een stuk groei; verwezenlijking; een manier voor de jongeren om dichterbij zichzelf te komen. In het leren komt dat allemaal samen.

Hoe ziet dat herstel bij de deelnemers eruit?


In eerste instantie zit het ‘m eigenlijk in hele kleine dingen: je ziet het in hun houding, hoe ze erbij zitten, in hun ogen. Je ziet de jongeren opbloeien. Ze maken ook letterlijk stappen, behalen successen: halen examens, leveren opdrachten in en krijgen daar voldoendes voor. Je merkt dat ze meer zelfvertrouwen krijgen. Dat ze worden wie ze eigenlijk willen zijn. Als ze binnenkomen zijn ze zichzelf een beetje kwijt, maar ze komen stap voor stap weer dichter bij zichzelf doordat ze erachter komen dat ze meer kunnen dan ze dachten. Ze gaan weer geloven in zichzelf en makkelijker vervolgstappen maken. Dat is wat ik zie.

Kun je iets vertellen over jouw rol bij de Windroos?


Het is mijn rol als trajectbegeleider om de kwaliteiten en talenten die de jongeren hebben tot uiting te laten komen en verder te ontwikkelen. Ik benadruk hun positieve punten; begeleid ze en motiveer ze om te werken aan de leerdoelen die in hun begeleidingsplan zijn opgesteld. Maar ik doe ook een appèl op hun eigen kracht. Als trajectbegeleider stimuleer je hun eigen rol; je coacht. Je vraagt ze steeds: wat zou jij doen? Daarbij benadruk ik hun gevoel van verantwoordelijkheid tijdens hun traject bij ons. En ik let erop steeds het verband te leggen met hun onderwijsdoelen. Ik ben ook een luisterend oor voor ze. Ik ben er voor ze als ze in een dipje zitten. Daarnaast heb ik een signalerende functie en ik onderhoud het contact met de ouders en verwijzers. Met z’n allen proberen we alles goed op elkaar af te stemmen en waar nodig actie te ondernemen.
Binnen de Windroos zijn we nu een nieuw traject aan het ontwikkelen om ook gericht te begeleiden naar werk toe. Ook dat is individuele begeleiding: wat heb je nodig om weer naar werk te komen? Mijn rol is samen met de deelnemer het traject uit te stippelen. Waar sta ik, wat zijn m’n wensen, wat kan ik en wat zijn de mogelijkheden?

Je werkt als trajectbegeleider bij de Windroos samen met het onderwijsteam.


Ja, bij de Windroos werken we in een klein, multidisciplinair team, waarin een hele mooie balans is tussen het onderwijs en de trajectbegeleiding. Als begeleiders en als onderwijs vullen we elkaar aan, maar we gaan niet elkaars werk doen. Bij het onderwijs gaat het om zaken als leren structureren, plannen en de inhoud van de studie en daar hou ik me als trajectbegeleider niet mee bezig. Ik ga over wat er voor nodig is om tot studeren te komen, het ondersteunen van de basisvaardigheden. Dit komt weer tot uiting in het onderwijs, en hoe het daar gaat krijg ik op mijn beurt weer teruggekoppeld. Het onderwijs signaleert tijdens de studieblokken; ik tijdens de pauze en in de persoonlijke gesprekken. Overlap vermijd je door duidelijk te zijn naar elkaar, door goed te communiceren. Wij proberen het als team allemaal mooi op elkaar aan te laten sluiten.

Het uitzicht vanuit de Windroos Leiden.

Nieuwe gezichten in de Raad van Toezicht

Na het aannemen van de nieuwe directeur Jeannette Koning in september is nu ook de Raad van Toezicht van de Windroos weer op volle sterkte. De RVT bestaat uit vijf leden. Twee daarvan stellen zich hier aan u voor.

Profiel Gerhard Caubo

Ik ben 66 jaar geleden geboren in Vaals in Zuid Limburg en ben na mijn middelbare school  in Amsterdam organisatiesociologie gaan  studeren. Vervolgens ben ik in het P&O vak terecht gekomen en vond dat zo boeiend, dat ik in dat werkveld ben gebleven. Wel heb ik in mijn werkzame leven heel veel verschillende functies vervuld op heel verschillende plekken: als docent, als (interim-)manager en als coach. Ik heb in meerdere ziekenhuizen, de GGZ en de ouderenzorg gewerkt. Sinds 2012 doe ik dit werk als zelfstandig ondernemer.
Drijfveer in mijn werk is het realiseren van de verbinding tussen  de doelen van de organisatie en de ambities en talenten van de medewerkers. Graag wil ik als lid van de Raad van Toezicht mijn professionele ervaring  inzetten voor het ontwikkelen van de organisatie en voor het versterken van het potentieel van de medewerkers. Doel hierbij is dan dat de jongeren op wie De Windroos zich richt, een stapje verder in het (werkzame) leven komen.
Mijn vrouw en ik verhuizen binnenkort met drie van onze zes kinderen naar Leiden; wij vormen een turbulent en warm gezin en dat houdt mij jong. Maar ook heb ik ervaren als ouder hoe belangrijk het is, dat je als jongere in een lastige periode in je leven een extra zetje in de rug krijgt.

Profiel Matthieu van der Maarel

Ik ben 51 jaar en woon met vrouw en twee (bijna volwassen) zoons in Warder. Ik ben al zo’n 17 jaar zelfstandig ondernemer; interimmanager. Ik word vaak gevraagd voor opdrachten waar er echt iets aan de hand is. Vaak op het gebied van bedrijfsvoering or relaties met (keten)partners. Dat heeft mij onder meer opdrachten als regiomanager van een grote welzijnsinstelling, hoofd productie van een sociale werkplaats of – nu – manager van de welzijns accommodaties in Nijmegen. Daarnaast ben ik voorzitter van Stichting Enzo. Wij bieden dagopvang aan mensen met een verstandelijke, lichamelijke of psychosociale handicap. Dat doen we op twee locaties in Zaandam. Door mijn werk ben ik zeer betrokken bij zorg en welzijn. Ik vind het een eer deel uit te mogen maken van de Raad van Toezicht en wil mijn kennis en ervaring graag inzetten voor De Windroos.

Er is weer een bezoek aan de Tweede Kamer op handen!

Op 9 juni is het zover: ons jaarlijkse bezoek aan de Tweede Kamer. We zullen dan met een groepje vanuit Amstelveen vertrekken, om via busstation Amstelveen en Schiphol naar Den Haag af te reizen. In Den Haag komen de deelnemers van onze Leidse locatie zich bij ons aansluiten. En dan is het op naar de Tweede Kamer en door de uitgebreide controle, schoenen en riemen moeten soms uit. Er staat zoals altijd een bezoek aan de publieke tribune op het programma. Voor iedereen is het leuk om te zien hoe de Tweede Kamer er in het echt uitziet. We krijgen een rondleiding en we bezoeken de bibliotheek waar alle verslagen vanaf het begin van de Tweede Kamer opgeborgen zijn, een echt mooie oude bibliotheek. Voorafgaand aan ons bezoek proberen we altijd te organiseren dat we een Tweede Kamerlid kunnen spreken. Henk van Gerven (SP), Attje Kuijk (PvdA), Henk van Meenen (D66) en Otwin van Dijk (PvdA) spraken we in de voorgaande jaren. Tot slot gaan we als gebruikelijk lunchen bij ’t Achterommetje waar ongetwijfeld weer heerlijke broodjes voor ons klaar zullen staan. Het wordt vast weer een zeer nuttige en interessante dag!

Serge Daudeij

Jaar van de computers

In de studiezalen in Amstelveen en Leiden staan computers, waar de deelnemers dagelijks op werken. Helaas zijn al deze computers al erg oud, en klagen de deelnemers over de traagheid of programma’s die zij hierop niet kunnen gebruiken.  Om de belangstelling van de deelnemers vast te houden en om aansluiting te behouden bij de opleidingen die zij volgen, zijn moderne digitale faciliteiten van groot belang: snellere computers met meer geheugen, laptops, een digi-board.

Helaas hebben we de financiële ruimte niet voor een dergelijke investering. Daarom zijn wij op zoek naar mensen of instellingen, die ons hierbij willen helpen.

Het Rabobank Coöperatief Fonds heeft ons inmiddels genomineerd voor een donatie. Vanaf half april kan er door de leden van de Rabobank Amstel en Vechtstreek op de verschillende nominaties gestemd worden, en op 19 mei vindt de uitslag plaats. Bent u lid, stem dan op ons!

Verder hebben we ons ingeschreven voor de Dam tot Dam Goede Doelenloop, die in september plaats vindt. We gaan met een team van medewerkers en deelnemers de 16 km lopen van Amsterdam naar Zaandam. De bedoeling is dat we ons laten sponsoren, en dat de opbrengst ook naar nieuwe computers gaat. Doneren kunt u doen via www.pifworld.nl.

We streven ernaar dat aan het eind van het jaar alle computers weer up-to-date zijn. Wilt u ons helpen, of hebt u ideeën, we horen het graag. 

Bowlinguitje, verslag van Eduard

Het uitje bowlen was supergezellig. We waren met tien man. De meeste van ons gingen vanuit De Windroos naar de locatie waar we gingen bowlen. Het was in Amstelveen en het heette De Kegel. We waren daar van 14:00 tot 15:00 uur. Het begon met het verdelen van de twee banen, vijf personen per baan. Het was meteen ook gezellig en leuk. Iemand maakte foto’s en hij ging er helemaal in op en dat vond ik leuk om te zien. De foto’s die hij heeft gemaakt waren te zien bij De Windroos. Toen het uur voorbij was moesten we stoppen met bowlen. We hebben daarna nog een drankje gedronken en ik had de uitslag gevraagd voor onze scores. Het was supergezellig en leuk. Ik heb veel complimenten gekregen en ik ben daar dankbaar voor. Het was een leuk uitje en misschien leuk om dat nog een keer te gaan doen.

Open Dag Windroos Leiden

Afgelopen 7 december vond op de Windroos Leiden een Open Dag plaats. Zo’n 25 belangstellenden, onder wie verwijzers, ouders en behandelaars, kwamen die dag een kijkje in de keuken nemen. Het was een informatieve en verder toch ook heel gewone Windroosdag, want alle studieactiviteiten gingen ongehinderd door.
Heeft u de Open Dag gemist, maar wilt u ook eens komen kijken? - Neem dan contact met ons op, u bent van harte welkom!